Lenteversje met beweging
Kinderen genieten van versjes en liedjes, zeker wanneer ze er zelf actief aan mee kunnen doen. Met dit lenteversje maak je de woorden tastbaar door bijpassende bewegingen en voorbeelden te gebruiken. Zo leren de kinderen spelenderwijs de betekenis van woorden, herkennen ze de dieren en bloemen uit de natuur en beleven ze samen plezier in ritme en herhaling.
Stap 1: Vertel de kinderen dat jullie samen een lenteversje gaan doen.
Stap 2: Laat eerst een plaatje of voorwerp zien van een bij, bloem en vlinder.
Stap 3: Zeg het versje rustig op en wijs de plaatjes aan.
Stap 4: Herhaal het versje en maak er bewegingen bij, bijvoorbeeld zoemen als een bij of fladderen als een vlinder.
Stap 5: Nodig de kinderen uit om mee te doen met de geluiden en bewegingen.
Stap 6: Herhaal het versje meerdere keren zodat de kinderen het herkennen en onthouden.
Stap 7: Sluit af door samen alle dieren en bloemen nog eens te benoemen.
Benodigheden
• Voorbeelden of plaatjes van een bij, bloem en vlinder
• Lente Versje (Zie bijlage)
Variaties
Voor de jongste kinderen kun je vooral de bewegingen groot en duidelijk voordoen, zodat zij eenvoudig mee kunnen doen. Oudere peuters kun je vragen zelf een beweging te bedenken bij de dieren. Je kunt het versje ook buiten doen, zodat de kinderen meteen echte bijen, bloemen en vlinders ontdekken en het versje nog meer gaat leven.